archeologische monumentenzorg

In 1992 ondertekenden twintig lidstaten van de Raad van Europa het “Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed” ofwel het “Verdrag van Malta”. In de laatste 50 jaar is het archeologisch erfgoed in een rap tempo en vaak ongezien verdwenen bij de uitvoering van veelal omvangrijke ruimtelijke plannen. Uitgangspunt van het Verdrag is het archeologische erfgoed integraal te beschermen.

Het Verdrag van Malta is in 2007 doorvertaald in de wetgeving middels de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz).
Met de inwerkingtreding van de Wamz zijn de Monumentenwet 1988, de Ontgrondingenwet, de Wet Milieubeheer en de Woningwet gewijzigd.
De nieuwe wetgeving verplicht de Nederlandse gemeenten om archeologische waarden in hun ruimtelijke plannen te betrekken en waardevolle resten te beschermen.

Iedereen die bodemverstorende activiteiten wil gaan verrichten, kan te maken krijgen met de wettelijke eis om archeologisch onderzoek uit te laten voeren. De wet geldt voor iedereen: overheden, instanties, bedrijven en particulieren. Of het nu gaat om grootschalige bouwprojecten (nieuwe woonwijken of bedrijventerreinen), infrastructurele projecten, de bouw van een melkveestal en een nieuwe woning, of landbouwkundige ingrepen, ontgrondingen, egalisaties en de ontwikkeling van nieuwe natuur, initiatiefnemers van bodemingrepen dienen rekening te houden met bekende of te verwachten archeologische waarden.